De laatste Bushbackers
George W. Bush is eindelijk de ‘voormalig’ president van Amerika. Zijn presidentschap was volgens velen het meest desastreuze ooit. Toch zijn er nog een paar Bushbackers.

Door Lars Anderson
‘Er bestaat niet zoiets als korte termijn geschiedenis’, verdedigt George W. Bush zich als hem wordt gevraagd of zijn presidentschap een mislukking is. De scheidend president vergelijkt zich graag met Henry Truman; verguisd toen hij vertrok, dertig jaar later bejubeld om zijn ‘visionaire blik’. De doorsnee historicus in Amerika maalt er niet om: 98 procent van de geschiedkundigen ziet het Bush-tijdperk nu al als een mislukking; 61 procent beschouwt hem als de ‘slechtste president ooit’. Niet minder dan twee procent vindt Bush dus nog een succes. Wie zijn deze zonderlingen? En wat valt er te verdedigen aan het beleid van de oorlogszuchtige Bush?
Op zoek naar de laatste der Bushianen. Om precies te zijn de laatste twee. Want aan het (informele) onderzoek van het Amerikaanse Historian News Network deden 109 van Amerika’s meest prestigieuze en vooraanstaande historici mee, waaronder Pulitzer en Bancroft prijswinnaars. Robert McElvaine, auteur van het onderzoek en professor geschiedenis aan het Millsaps College in Jackson, Missississippi, doorbreekt met speels gemak de anonimiteit van de enquête. ‘John Howe moet je hebben. Hij werkt in Texas. Die andere weet ik niet meer. Wat de anonimiteit betreft, brabbel er maar wat vaags omheen.’
‘Wat!?’, brult John Howe, professor geschiedenis aan de Universiteit van Texas. ‘Wat een slinkse organisatie is dat, zonder scrupules! Zie je hoe ze dit politiseren? Enkel op basis van een informeel niet-systematisch onderzoek.’ Volgens Howe heeft Bush een aantal keuzes gemaakt die belangrijk zijn geweest voor Amerika. ‘Denk aan zijn uitstekende benoemingen van twee rechters voor het hooggerechtshof, of zijn Faith Based and Community Initiatives, gebaseerd op zijn verkiezingsslogan ‘compassionate conservatism’. Bush begreep dat kleine religieuze groepen zoals het Leger des Heils sneller het individu bereiken dan het logge regeringsapparaat. Dergelijke groepen hebben zich vooral bewezen bij nasleep van orkaan Katrina en de herbouw van New Orleans.’
‘Ook wilde hij de sociale zekerheid en het immigratiebeleid hervormen, twee extreem gevoelige kwesties’, doceert Howe verder. Maar die zijn toch jammerlijk mislukt? ‘Klopt, maar hij probeerde het wel. Zulke onderwerpen kunnen de nagel aan je presidentiele koffer zijn. Bill Clinton noch George Bush Senior hebben die issues aangeraakt. Wellicht dat het aan Bush te danken is dat Barack Obama ze wel kan hervormen. Trouwens, Bush heeft Amerika klaargestoomd voor de eerste zwarte president. Zijn administratie was de meest diverse ooit: twee Afrikaans-Amerikaanse minsters, Colin Powell en Condoleeza Rice, en diverse Latino’s op sleutelposities. Bush invloed en handreikingen naar minderheden worden onderschat. Evenals zijn onderwijsinitiatieven, zoals No Child Left Behind. Bush investeerde 2,5 keer zo veel in onderwijs dan Clinton en meer dan elke andere president in de bestrijding van aids in Afrika. Man, zelfs Bono zou dat goedkeuren!’
Victor Davis Hanson, de andere hardnekkige Bushbacker, twijfelt geen seconde vanaf zijn vakantiehuisje ergens in de Rockies: ‘Yes, Bush’ presidentschap is een succes.’ Hanson is militair historicus en senior fellow van het Hoover Instituut aan de Universiteit van Stanford. Hanson: ‘Amerika heeft na 9/11 geen nieuwe terreuraanval gehad.’ Maar de zeven jaar ervoor toch ook niet? Hanson: ‘Nee, maar Bush heeft een vorm gevonden om de islamisten in het Midden-Oosten in te sluiten en via het door hem opgezette Department of Homeland Security nieuwe aanvallen af te weren. Al-Qaida is geminimaliseerd en Irak en Afghanistan zijn prille democratieën.’
Hanson geeft, net zoals Howe, toe dat Bush ook fouten heeft gemaakt, ‘zoals iedere president’. Hanson: ‘Zijn overheidsuitgaven waren twee keer zo hoog als onder Bill Clinton en de economische instabiliteit is deels zijn verantwoordelijkheid; we hebben gewoon boven onze stand geleefd. In Irak zijn cruciale tactische blunders gemaakt. Het was een vreselijke periode van vier a vijf jaar. Maar de surge werkt, het is er relatief rustig. Ik bedoel, afgelopen maand waren er meer moorden in Fresno, Californie, dan in Irak.
Sommige fouten gaf Bush in zijn laatste persconferentie in het Witte Huis ‘ruiterlijk’ toe: ‘De vlag met “mission accomplished” was een fout, net zoals een deel van mijn retoriek. Het doordrukken van Social Security na 2004 was verkeerd, de crisis was niet urgent genoeg.’ Grote teleurstellingen waren er ook. Bush: ‘De excessen in Abu Grahib, natuurlijk.’ En het ontbreken van massavernietigingswapens. ‘Ik weet niet of je dat als een fout moet zien’, grinnikte Bush bitter, ‘maar dingen liepen niet zoals gepland, laat ik het zo stellen.’ Hanson: ‘Abu Ghraib was inderdaad een teleurstelling, maar we moeten het niet overdrijven; er is niemand vermoord.’
Bush wordt zwaar afgerekend op zijn unilaterale aanpak tussen eind 2002 en het begin van 2003, zegt Hanson. ‘Toch was er daarna gewoon een multilaterale aanpak, onder meer met de Nederlanders. Uiteindelijk draait het om het lange termijn perspectief. Over dertig jaar zullen de historici zeggen: “Vergeleken met WOII of Vietnam was Irak zeker niet de nachtmerrie zoals men toen beweerde dat het was.” Ik bedoel, we hebben niet de olie genomen”.’
‘Ook de economische crisis wordt Bush aangerekend, maar die speelt pas vijf maanden. Tot 15 september, de dag dat Lehman Brothers viel, kende Amerika 52 aaneengesloten maanden economische groei. Dat moeten de critici dan ook opschrijven.’
Hanson kreeg voor zijn werk in 2007 de National Humanities Medal van president Bush, dus hij kent hem persoonlijk. Hanson: ‘De grootste teleurstelling van Bush was de uitzinnige kritiek vanuit Europa. Bush is een idealist, hij was cynisch geworden door de reaalpolitiek van de jaren tachtig en wilde werkelijk democratie brengen. De Europese vijandigheid verraste hem. Als Irak over twintig jaar ergens tussen Turkije en Koeweit in zit, zal Europa zich afvragen, waarom haatten we die man toch zo?’
Het is te vroeg om historische conclusies te trekken. John Howe is het daarmee eens: ‘We moeten kijken welk van zijn initiatieven vruchten brengen. Het draaipunt zal het Midden-Oosten zijn. Irak als de eerste democratie in het Midden-Oosten zal gezien worden als een grootste prestatie. De geschiedenis zal hem gelijk geven.’
Terug naar een exponent van de groep ‘98-procent’: Sean Wilentz is professor aan de Universiteit van Princeton en een van Amerika’s meest vooraanstaande historici. In 2006 schreef hij ‘Bush: The Worst President in History’ voor RollingStone. Toch nog even vragen: heeft Bush dan niets goed gedaan? Wilentz: ‘Hij deed een prima baan in het bijeen houden van het land, kort na de aanslagen op het World Trade Center. Zijn initiële reactie om Afghanistan te bombarderen en binnen te vallen was geen verkeerde reactie. Maar dat was slechts een korte periode. Zijn grootste succes? Hm, lastig. Het heeft waarschijnlijk minder met zijn beleid te maken. Eén van zijn grote krachten is zijn rotsvaste geloof dat elk mensenleven waardevol is.’
‘Ach, Bush is geen kwaadaardige president, zijn hart zit op de juiste plaats’, peinst Sean Wilentz hardop. ‘Een presidentschap moet worden beoordeeld op basis van de beschikbare informatie. En daar knelt het; geen enkele andere administratie deed zo geheimzinnig als deze. Als Bush echt een eerlijke beoordeling wil, dan moeten de archieven open.’
——————–EINDE————————
Toch nog even waarom 98 procent Bush een mislukking vindt
Onder Bush’ leiding steeg de werkloosheid van 4,2 naar 7,2 procent; zakte het consumentenvertrouwen naar een absoluut dieptepunt; werd een budgetoverschot van 287 miljard dollar omgezet in een tekort van meer dan een biljoen dollar; vielen meer dan een miljoen families in armoede; steeg de groep onverzekerde met zes miljoen; en gingen de vruchten van zijn economische programma volledig naar de rijken. Zoals zijn 1,35 biljoen dollar pakket aan belastingverlaging. De rijkaard die een miljoen per jaar verdiende, kreeg een korting van 53.000 dollar. De ordinary man die 20.000 per jaar verdiende, kreeg slechts 375 dollar, terwijl hij naar ratio met de miljonair recht zou hebben op 1060 dollar.
Bush stortte Amerika in een ‘gekozen oorlog’ tegen Irak op basis van ‘verkeerde inlichtingen’ en grove leugens. 4300 Amerikaanse soldaten lieten het leven in een minstens een biljoen euro kostende oorlog (tegen ‘officieel’ bijna 100.000 Irakeze burgerslachtoffers.
Daaraan toegevoegd de immens gestegen overheidsuitgaven en de financiële crisis, blijft Amerika volgens het Amerikaanse tijdschrift Harper’s achter met een hangover van 10,35 biljoen dollar. Even voor de duidelijkheid; dat betekent dat de staatsschuld onder Bush’ leiding is opgelopen van 5,7 biljoen tot 16 biljoen dollar.
© Lars Anderson / Dagblad De Pers ( 19 januari 2009 )
About this entry
You’re currently reading “De laatste Bushbackers,” an entry on Lars Anderson
- Published:
- January 24, 2009 / 9:33 pm
- Category:
- @ll articles, Amerika, De Pers, Politics
- Tags:
- beleid, bush, geschiedenis, history, presidentschap, truman
No comments yet
Jump to comment form | comments rss [?] | trackback uri [?]